![]()
|
||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
HOOFDTHEMA'Sevolutiede zielhet goede, het ware en het schoneliefde, vrijheidsdrangde elementendrie lichamen, vijf omhulselsyama's en niyama's: ethiek |
drie lichamen, vijf omhulselsWe hebben niet slechts één, maar drie lichamen (Sanskriet: sharira’s) en deze zijn weer onderverdeeld in vijf omhulsels (Sanskriet: kosha’s). Deze vormen, vanaf het tastbare grofstoffelijke lichaam, een reeks met een toenemende ijlheid, waarbij de ijlere de grovere doordringen en beïnvloeden.
de drie lichamen Het astrale lichaam: mentaal, zintuiglijk, instinctief en vol archetypen. Het vormt bij dieren en bij ons het droombewustzijn. Bij de waakbewuste of zelfbewuste mens is hier ook het intellect (buddhi) gelegen, dat zelfs geworteld is in het causale lichaam. Het astrale lichaam manifesteert het Ware, dat voortkomt uit het Goede. Het causale lichaam: het dichtst gelegen bij de onstoffelijke ziel. Hierin bevinden zich de indrukken van het karma uit dit en vorige levens. Daardoor krijgt de persoon in kwestie een bepaalde geboortetaak (dharma) opgelegd, dat vanuit dit bovenbewuste niveau het karakter bepaalt. We kennen dit lichaam in onze droomloze slaap. Het is vormloos, maar gevuld met de wetten van het leven en zo wordt het Goede gedefinieerd.
de drie lichamen en hun functies
de vijf omhulsels
|
Door deze levenskracht (nl. uit het causale lichaam afkomstig) wordt het astrale lichaam
belevendigd en op zijn beurt belevendigt en activeert het het fysieke lichaam.
De vreugde van Atman (de ziel) wordt gevoeld in de droomloze slaap, wanneer er geen voorwerp
van ervaring is.
Het "gelukzaligheidsomhulsel" wordt ons volledig geopenbaard in de toestand van diepe slaap. Het
wordt gedeeltelijk openbaar in de waak- en droomtoestand, wanneer een of ander begeerd object
genoten wordt.
Voordat dit Pad (d.w.z. naar verliching) wordt betreden, moet u uw maanlichaam (d.w.z. het mentaal
omhulsel) vernietigen, uw denklichaam (of intellectomhulsel) zuiveren en uw hart (d.w.z. het
causaal lichaam) louteren.
Alleen jnana (gnosis) is eeuwig; het heeft begin noch einde; er bestaat geen ander echt wezenlijks.
De verscheidenheid van dingen, die wij in de wereld zien, is het gevolg van zintuiglijke
omstandigheden; als deze ophouden, blijft alleen deze jnana over en niets anders.. | ||||||