een formule voor God?

Waar komt de wereld vandaan? Of beter gezegd, waar komt het universum uit voort? Het kan niet anders dan dat alles wat we zien, voelen of bedenken uit één Oorzaak ontstaan is. En niemand, werkelijk niemand begrijpt hoe dat precies gegaan is. Laten we de vragen over het hoe en waarom van de schepping maar overlaten aan filosofen en godgeleerden. Het is verstandiger om je bezig te houden met het hier en nu, en te kijken wat je leven te betekenen heeft. Wat heb je te doen in je leven?

Ik noem de schepper niet bij naam. Het woord God is prima, maar stel je niet voor dat deze God ergens in de hemel troont. Ik spreek bij voorkeur over de Bron, als eerste en enige Oorzaak. De Bron is natuurkundig gezien vergelijkbaar met de oerknal. We maken daar nog steeds deel van uit, want het geluid van de Big Bang trilt door in het heelal en in elke cel van ons lichaam. Maar wat zo’n kleine 14 miljard jaar geleden precies is gebeurd kunnen ook wetenschappers nog steeds niet precies uitleggen. Net zomin als we de schepping van God kunnen verklaren.

Nu lijkt die schepping zich op te splitsen in twee delen, het fysieke en het mentale, lichaam en geest of ziel. Het is een serieus probleem in de filosofie: zijn lichaam en geest twee strikt gescheiden fenomenen of zijn ze toch ergens met elkaar verweven? Vanuit de spiritualiteit gezien is het antwoord makkelijk. Het is natuurlijk ondenkbaar dat deze twee facetten die uit een en dezelfde Bron zijn ontstaan op een gegeven moment niets meer met elkaar te maken hebben. Zo’n vermeende dualiteit van lichaam en ziel is een onzinnige gedachte. Hoe kun je geloven in zo’n absolute tweedeling als je heilig gelooft in een ziel en weet dat zodra zij vertrekt het lichaam sterft?

Wat echter achterblijft is de wetenschap van de ziel: de psychologie

Niettemin hebben vele filosofen vanaf de 17e eeuw bedacht dat de ziel geen effect heeft op ons lichaam. Het materialisme is de mening toegedaan dat het lichaam volstrekt op zichzelf functioneert, los van de geest of de ziel. De gevoelens en emoties die voortkomen uit de ziel zouden geen directe uitwerking hebben op het fysieke lichaam. Deze stellingname is een goede gok gebleken voor wat betreft de successen van de natuurwetenschappen. Onze inzichten in de materie en in het functioneren van het lichaam is gigantisch gegroeid. Wat echter achterblijft is de wetenschap van de ziel: de psychologie.

Het inzicht in de geest of de ziel is in de moderne wetenschap zonder meer primitief te noemen. Neurologen menen dat het denken in de hersenen plaatsvindt. Maar het bewustzijn? Waar zit dat? Dat is een hardnekkig en niet te tackelen probleem voor natuurwetenschappers, psychologen én filosofen. Maar kijk dan eens naar alle kennis die beschikbaar is vanuit de esoterie! In de yogaleer, maar ook de westerse metafysica is tot in detail beschreven hoe in fijnstoffelijke omhulsels van het lichaam het denken, het karakter, de emoties en het geweten gestalte krijgen. We bevinden ons nu niet meer in het fysieke lichaam van de neuroloog, maar in de diepere lagen van de aura. Gekoppeld aan het principe van reïncarnatie (waar moderne denkers helaas van gruwen) kom je uit op het karma. Dat is de ruis, daaruit ontstaan de weerstanden omdat de persoon in het verleden, vaak in vroegere levens, uit puur eigenbelang gehandeld heeft. Waar het ego de dienst uitmaakt is de omgeving het slachtoffer. En daar ontstaat karma. Je mag dan gruwen bij het idee van reïncarnatie maar ze geeft wel een effectieve verklaring voor zo ongeveer alle psychologische vraagstukken. Het is net als bij de evolutieleer. Niemand kan bewijzen dat Darwin gelijk had, maar door de overdaad aan aanwijzingen ontkomt je er niet aan zijn filosofie te erkennen. Zo ontkom ik er niet aan de processen van reïncarnatie en karma te erkennen.

De Bron of God is overal, ook in ieder lichaam, in elke cel. Het is absurd om aan een scheiding tussen deze twee te denken. In onze ziel bevinden zich de idealen waar we best wel naar willen leven maar waar ons ego ons liever van af wil houden. Dat ego ziet alleen zichzelf en leeft daardoor in eenzaamheid in een ‘vijandige’ wereld. Zo ervaart zij voornamelijk lijden. Het is zoals Boeddha het zei, het lijden komt voort uit begeerte. Toch heeft de Bron iets anders met ons voor.

God is liefde

Allereerst is er deze waarheid: God is liefde. Want hoe kun je scheppen zonder dat je daar liefde voor voelt? Kan een musicus musiceren zonder liefde voor zijn muziek? Kan een wetenschapper succesvol onderzoek doen naar iets wat hem totaal niet interesseert? De liefde van God zorgt voor het samenbrengen van atomen tot moleculen, van cellen tot organismen en van personen tot gemeenschappen. Het is een samenbindende kracht die de mens aanzet tot solidariteit en naastenliefde. Het is ook de motor achter de evolutie naar steeds complexere lichamen. De zelfbewuste mens is dan ook in de eerste plaats geschapen om te dienen. Hij zal, zodra zijn ego dat toelaat, alles om hem heen, dieren, planten, de gehele planeet, met liefde en respect benaderen. Als je daar niet naar handelt ontstaan er in de geest de weerstanden die we karma noemen en die het bewustzijn en het denken aantasten.

God is het goede, het ware en het schone

Plato was al verbaasd over onze verlangen naar het goede, het ware en het schone. Ook in India werd en wordt volop nagedacht over de oorzaak van ‘sathyam, shivam en sundaram’ – het ware, het goede en het schone. De meer religieus ingesteld mens weet dat dat alles van God komt. Opnieuw: het gaat om de eerste Oorzaak waar het hele universum, alle organismen en ook jij en ik uit voortkomen en in bestaan. Vanuit die eerste oorzaak zijn wij voorgeprogrammeerd. En dat heeft direct effect op het lichaam dat deze kwaliteiten moet manifesteren. De schepper zorgt voor schoonheid bij alle planten, dieren en mensen. En hij zorgt voor waarheid bij dieren en mensen – daardoor hebben ze zintuigen en een zenuwstelsel. Het goede komt naar voren bij mensen en dat geeft hun moraal. In dat alles bevindt zich de altijd aanwezige goddelijke liefde. Als zelfbewuste wezens willen wij evenals God zelf creëren. Dus willen we goeddoen, verfraaien we onze scheppingen en onderzoeken we ons bestaan.

Onze levenswetenschap, de biologie, is door het materialisme verworden tot een vorm van scheikunde, zoals de scheikunde is verworden tot natuurkunde. En de natuurkunde bestaat niet zonder de wiskunde. Maar is biologie dan uiteindelijk wiskunde? Er zijn theoretici die menen dat ons bewustzijn te maken heeft met de kwantumwereld. Je zou ook kunnen denken aan extra dimensies, maar je hebt wel heel onvoorstelbare wiskunde nodig om dat aannemelijk te maken. Ik houd het liever eenvoudig. Het bewustzijn komt voort uit onze ziel, die deel uitmaakt van de universele ziel oftewel God, de Bron. En laat de filosofen en godgeleerden daar maar verder hun hersens over breken. Mij niet gezien.

Maar wat kunnen we dan nog betekenen voor de exact ingestelde medemens? Is er een wiskundig model voor de schepping? Kunnen we wiskundigen tevreden stellen met een formule voor God? Misschien dit:

God = liefde + het schone + het ware + het goede

Klopt dat echt? Nee natuurlijk, maar het komt misschien wel in de buurt. Het is in elk geval een formule die tevens geschikt is om naar te leven. Als we op zoek zijn naar onszelf zullen we uitkomen bij liefde, schoonheid, waarheid en goedheid. Dit zijn tevens belangrijke kwaliteiten om naar te leven. Deze zul je moeten ontwikkelen, hoe moeilijk de omstandigheden ook zijn.

Bedenk dat we ieder een druppel in de goddelijke oceaan zijn, een vonk in het goddelijke vuur. Wij zijn naar Zijn beeld geschapen. Bovengenoemde kwaliteiten zijn ons erfdeel. Leef daarom niet in schuld en boete, maar in kracht en liefde. Wees niet zwak, maar sta op. En doe dat vol naastenliefde en een zo hoog mogelijke morele standaard. Leven na leven zul je daarin groeien en een steeds plezieriger mens worden. Voor jezelf en voor anderen. Dat is de zin van het bestaan.