vijf soorten bewustzijn
Er zijn keuzes. Bestaat God wel of niet? Is de evolutie doelgericht of toevallig? Zijn mensen dieren?
Bedenk en vergeet nooit dat onze wetenschap berust op de filosofie van het materialisme. De aannames waarop onze wetenschappelijke kennis is gebaseerd zijn niet bewijsbaar en dus kunt je net zo goed andere keuzes maken. Zoals bij de vraag waar het bewustzijn vandaan komt en met name het zelfbewustzijn, het ik-besef. De vastgeroeste mening van onze wetenschap is dat het een proces is in de hersenen. Niemand kan echter aanwijzen waar dat ‘ik’ zich dan precies bevindt. Maar het is duidelijk, zodra we ons bewust worden van onszelf is dat zelfbewustzijn. Dieren met zelfbewustzijn herkennen zichzelf in een spiegel. Baby’s hebben al wel bewustzijn, maar nog geen zelfbewustzijn. Dat komt pas rond de eerste verjaardag.
Het onvermogen van de wetenschap in dit soort kwesties heeft mij naar een spirituele filosofie gebracht. Dat zegt dat het bewustzijn een eigenschap is van de ziel. Die ziel is niet aantoonbaar, maar so what? Dingen kunnen bestaan zonder dat het bewezen is. De wetenschap schrijdt voort. Vijfhonderd, duizend jaar geleden was heel veel nog niet bewezen en toch aanwezig. En er zijn aanwijzingen genoeg voor een onaanraakbare realiteit, alle grote religies zijn erop gebaseerd en de natuurkunde loopt er constant tegenaan.
Kortom, het geloof in een ziel is evenveel waard als het geloof dat de ziel niet bestaat. Maar als je het bestaan van de ziel accepteert geeft dat veel inzichten in verschijnselen die nu nog niet worden begrepen.
Bewustzijn is een zielenkenmerk dat onstoffelijk van aard is. Het brein is daarnaast het instrument waarmee onze ziel kan werken en het zelfbewustzijn vorm kan geven. Dat bewustzijn is overal want de ziel is overal, in elk organisme, elke cel, elk atoom. De ziel en haar bewustzijn overleven bovendien de dood en worden wedergeboren in een volgend lichaam. De diepgewortelde, eeuwige drang om het bewustzijn te laten groeien leidt tot de evolutie van levensvormen. Dat gaat in stappen die worden getypeerd door de elementen. Dat is de basis van mijn filosofie die is voortgekomen uit de yogafilosofie.
Elke schepping, van God zowel als van onszelf, komt voort uit elementaire bewustzijnsstappen:
Aarde – zelfvestiging
Water – zelfontplooiing
Vuur – zelfbepaling
Lucht – groepsbewustzijn
Ether - zelfexpressie
Vijf soorten bewustzijn
Er zijn vijf soorten bewustzijn. Als gevolg daarvan zijn er vijf natuurrijken. Het is te begrijpen aan de hand van de volgende analogie.
- Aarde - Je valt in een wereld die eerst nog vreemd voor is je, bijvoorbeeld in het water. Door de schok is er eerst niets in je hoofd wat begrijpt wat er is gebeurd. Je bent verdoofd en verstard. Zo ook is ooit de goddelijke ziel in de stof gevallen. God verdiept zich hier voor het eerst in zijn stoffelijke schepping. De ziel vestigt zich in de stof: zelfvestiging.
De drive van dat universele bewustzijn, die weer op zoek is naar de Bron, zorgt voor een ontwikkeling die we herkennen in de chemische evolutie. Dit betreft het mineralenrijk. Hier zijn nog geen vaste vormen en er is nog geen individueel bewustzijn. Stenen, stoelen en auto’s zijn geen individuen. Er zijn geen gedachten, gevoelens of een ego. Mineraal bewustzijn is dan ook niet individueel. Mineralen zijn niet individueel bezield.
- Water - Na je val kom je boven water en nu komt het individuele bewustzijn tot leven. Je denkt waar ben ik? Nog enigszins duizelig en behoorlijk van slag kruip je aan land en blijft daar liggen. Je bent nu nog gedesoriënteerd. Je zoekt naar herkenningspunten, het stadium van zelfontplooiing is ongericht en fantasievol.
Ziehier wat er gebeurt in het plantenrijk. Planten zijn individueel bezield, het zijn immers afzonderlijke wezens. Maar ze hebben nauwelijks of geen zintuigen, geen gevoelens, geen geheugen, geen verwachtingen. Ze kunnen ook nauwelijks bewegen en hebben geen ego. Ze leven dankzij de prana, de mystieke levensenergie waar ze mee gevoed worden vanuit de immanente Bron. Deze is zichtbaar in en rond de plant in het fijnstoffelijke, vitale omhulsel, de eerste omhullende laag van de aura.
- Vuur - Nu kom je overeind, kijkt om je heen en gaat op zoek naar hulp. Je zintuigen staan op scherp en je grijpt alles aan om je te kunnen beschermen en water of voedsel tot je te kunnen nemen, want je hebt dorst en honger. Je komt echt in de overlevingsstand. Dat is het stadium van zelfbepaling. Je kent je lichaam en de omgeving.
Dit is het bewustzijn van het dierenrijk. De aura heeft zich hier uitgebreid. Buiten het vitale omhulsel verschijnt nu een mentaal omhulsel. Daarin komt het denken op gang en ontstaan onze zintuiglijke gewaarwordingen, naast het ego met bijbehorende emoties en een instinctief denkvermogen.
Zelfbewustzijn én groepsbewustzijn
- Lucht - Eindelijk ga je beseffen in welke situatie je verkeert en grijpt je elke hulp van anderen met beide handen aan. Er is een helder zelfbewustzijn. Je pakt de zaken weloverwogen aan en begeeft je naar elk teken van leven dat je ziet. Je klopt aan en ontmoet andere mensen. Je bent bewust, ja zelfbewust en intelligent bezig. Als je hulp krijgt wil je wellicht iets terugdoen, het sociale bewustzijn wordt hier actief. We spreken daarom over groepsbewustzijn. De combinatie van zelfbewustzijn én groepsbewustzijn is de grootste uitdaging voor elke mens. Iedereen wil goeddoen, maar heeft ook eigen belangen.
Individuen van het mensenrijk beschikken over een vitaal en een mentaal omhulsel. Maar daarbuiten zijn nu nog twee nieuwe omhulsels te zien. Allereerst het intellectomhulsel dat naast het intellect ook een moreel onderscheidingsvermogen bezit. En daarbuiten ook nog een gelukzaligheidsomhulsel. Daarin bevinden zich de indrukken van vroegere handelingen die nadelig waren voor anderen: egoïstische handelingen, ook karma genoemd. Dit karma kleurt het karakter van de persoon. Verder is er een geweten dat je deugdzaamheid aanstuurt. Dat geweten voelen we wel maar kunnen we niet sturen. Bij elke persoon is dat tot op zekere hoogte ontwikkeld. Het verlangen naar een volmaakte deugdzaamheid vormt de essentie van de evolutie van de mens.
- Ether - Als je totaal inzicht hebt in wat je te doen staat betekent dat dat je gelukzaligheidsomhulsel, met daarin het geweten, het karma, het karakter en de doelen van je leven je helder voor ogen staan. Je hebt jezelf eindelijk gevonden en begrepen dat je een afgezand bent van de Schepper zelf. Je bent een Zoon of Dochter van God. Je bent toegetreden tot het rijk der Heiligen. En gelukzaligheid is een constante factor in je leven.