vijf soorten mensen
Zoekend in zand, rotsen en holen vinden we zo nu en dan enkele fossielen van onze menselijke voorouders. Onze soort, ontstaan uit de Australopythecus, is op z’n hoogst 2,5 miljoen jaar oud en de oudste fossielen zijn natuurlijk erg zeldzaam. De kenners van onze afstamming verschillen op veel gebieden met elkaar van mening. Naamgevingen, exacte verwantschappen en waar en wanneer de eerste mensen zijn ontstaan worden door de een voorgesteld en door de ander betwist. Maar drie soorten binnen het geslacht Homo staan nog steeds fier overeind als bakens in onze evolutionaire geschiedenis: Homo habilis, Homo erectus en Homo sapiens. Van deze drie lopen de eerste twee hier niet meer rond, volgens de wetenschap. Maar daar kun je anders over denken.
Spiritualiteit gaat uit van reïncarnatie. We komen allen voort uit het dierenrijk, maar bevinden ons nu door een toegenomen bewustwording in het mensenrijk. Aangezien het aantal mensen nog steeds toeneemt kun je je afvragen waar die dan allemaal vandaan komen. Het spirituele antwoord is: uit het dierenrijk. Ook nu nog worden mensen geboren die vanuit het dierenrijk hun eerste stappen zetten binnen het geslacht Homo.
Een leerschool van vijf klassen
De biologie gaat ervan uit dat wij allemaal horen tot de soort Homo sapiens, maar hier doet zich een serieus probleem voor. Je kunt niet veronderstellen dat iemand vanaf het dierlijke bewustzijn ineens een hoogontwikkeld en intelligente Homo sapiens is. Hij zal toch eerst de bewustzijnsstadia van de habilis en de erectus moeten doormaken, het is niet anders. Dat betekent dat de Homo habilis en de Homo erectus nog volop in onze samenleving aanwezig zijn, maar dan in het lichaam van de Homo sapiens. Dat kan, want de evolutie van de mens is vooral ook een geestelijke evolutie. Accepteer maar dat een groot hersenvolume zeker geen garantie is voor een goed verstand, dat zien we elke dag om ons heen.
Alle mensen beschikken over een zelfbewustzijn. Dat zelfbewustzijn is bij de ‘beginnende’ mensen nog vooral gericht op het fysieke lichaam. Dat zijn de zogenaamde ‘aardemensen’. Nadat dit lichaam volledig beheerst wordt richt het zelfbewustzijn zich op het volgende, het vitale omhulsel (watermensen) en zo verder tot aan het gelukzaligheidsomhulsel (ethermensen). Stap voor stap, leven na leven groeien zelfkennis en zelfbeheersing, alsof je op school de klassen doorloopt en pas overgaat als je overal voldoendes voor hebt. Je kunt dus niet beginnen in de derde klas van de Homo sapiens, je moet instappen in de eerste klas van de Homo habilis.
Deze evolutie komt overeen met onze persoonlijke psychologische ontwikkeling. We doorlopen hierin de stadia van baby, peuter, kleuter, kind, puber, volwassene tot wijze oudere. Er is blijkbaar een overeenkomst tussen de menselijke evolutie van ruim twee miljoen jaar en de psychische ontwikkeling binnen één leven.
Van kleuter naar wijze
Tijdens de evolutie van de Homo habilis naar de Homo erectus en de Homo sapiens is het hersenvolume sterk toegenomen. In combinatie hiermee heeft de mens geleerd gereedschappen te gebruiken, een taal te spreken, de goden/God te aanbidden, hun doden te eren, kunst te maken, een complexe maatschappij te vormen, wetenschappelijk onderzoek te doen, enzovoort. Dit alles kan door een toegenomen beheersing van de omhulsels, als gevolg van een zelfbewustzijn dat steeds fijnstoffelijker omhulsels onder zijn beheer weet te krijgen. Er zijn vijf niveaus van zelfbewustzijn en dat betekent dat er vijf kenmerkende soorten mensen zijn, elk bezig met het verkennen en beheersen van een specifiek omhulsel. Binnen ieder van die soorten tekent zich ook weer een evolutie af en dat is een van de oorzaken waardoor zij niet zo sterk gescheiden zijn als het hieronder wordt voorgesteld.
Generaliserend is dit de verdeling van mensachtigen in vijf soorten.
- De aardemensen die vooral fysiek bezig zijn. Dit zou overeen kunnen komen met de Homo habilis. Zij leven in kleine groepen en gebruikten gereedschappen. Tegelijk herkennen we hier ons levensstadium van peuter of kleuter. Vermoedelijk spreken ze ook als een kleuter: eenvoudige taal met woorden voor de dingen die zij zien en direct meemaken.
Het lijkt misschien vreemd dat hier als eerste soort niet de baby wordt genoemd, maar zij hebben nog geen zelfbewustzijn en aangezien dit als criterium wordt gebruikt voor de indeling van de mens vallen zij er vooralsnog buiten. Dat wordt al snel, in een jaar tijd, goedgemaakt.
- De watermensen ontwikkelen zelfbewustzijn over hun vitale omhulsel. Ik schat dit niveau in als dat van de Homo erectus. Zij zijn sterk gevoelsmatig en fantasierijk, als kinderen. Zij hebben zich verspreid over heel Eurazië. Ik vermoed hier eenvoudige kunst en al redelijk complexe technieken. Zij geloven nog sterk in geesten en natuurkrachten die door offergaven en rituelen kunnen worden aanbeden en beïnvloed. Hun taal is al verder ontwikkeld, als dat van een kind.
- Vuurmensen zijn zelfbewust bezig met hun mentale omhulsel. Een groot aandeel hierin is het ego. Deze mensen worden pas echt bewust van zichzelf, zonder fantasieën en irreële oogkleppen. Zij zijn sterk egocentrisch, ze kennen zichzelf in hun scheppingswerk. Hier speelt zich de strijd om het bestaan af, in psychologische zin. De meeste mensen horen bij het nog kinderlijke waterniveau, maar het vuur vormt in onze maatschappij toch de boventoon. Politiek, pers, de zakenwereld en de sport worden overheerst door vuurmensen. Dit zijn de pubers van onze maatschappij en ik schaar hen onder de soort Homo sapiens.
- Maar dan zijn er nog twee nieuwe soorten te onderscheiden. Allereerst de luchtmensen: verantwoordelijk, analytisch en empathisch. Zij zijn in de minderheid, maar het zijn de ware volwassenen, de mensen van primair lucht (zoals alle mensen) én secundair lucht. Ik noem hen de Homo analyticus.
- Als laatste is er de zeer kleine en meest geëvolueerde groep van Homo spiritualis, de ethermens. Zij hebben het vaak moeilijk in een maatschappij vol concurrentie en wedijver. Het zijn mensen die we kunnen vergelijken met de wijze ouderen, waar ook niet veel van zijn. Veelal introvert, teruggetrokken, diepzinnig en wars van uiterlijke schijn. Zij verdiepen zich bij voorkeur in hun geestelijke aard door meditatie of werkelijke vroomheid.
Aarde- en watermensen zullen, terwijl ze opgroeien, nooit het stevige ego verwerven van de vuurmens en hun denken zal wankel blijven. Hoeveel geld je ook in het onderwijs stopt, ze zullen altijd op een lager niveau blijven steken. En dat is niet zo erg, want ze hebben de samenleving veel te bieden.
De weg naar spiritualiteit
Al reïncarnerend doorlopen in onze menselijke evolutie klas na klas, als op een school.
De scheiding tussen deze soorten is niet zo sterk als het hierboven is beschreven. Soms zijn we bijvoorbeeld vergeten wat er in vorige incarnaties is aangeleerd. En zo vallen luchtmensen soms toch ten prooi aan verleidingen of gevoelens van verdriet en jaloezie. Soms ook duiken er opeens nieuwe talenten op die eigenlijk al bij een hoger ontwikkeld type horen.
De spirituele mens (H. spiritualis) is bezig zijn gelukzaligheidsomhulsel te onderzoeken. Eén stap, een hele grote stap verder en hij treedt toe tot het natuurrijk der heiligen. Ik heb hen Homo sanctus gedoopt. Zij leren hun gelukzaligheidsomhulsel te beheersen, zoals wij ons intellectomhulsel en dieren hun mentale omhulsel. Dat betekent dat de afstand tussen een gemiddelde mens en de heilige even groot is als de afstand tussen een gemiddeld dier en de mens.
Er zijn vele verhalen over magische vermogens die heiligen bezitten. In onze materialistische cultuur, die zich totaal heeft overgeleverd aan de wetenschap, kunnen velen daar niet in geloven. Levitatie, materialisatie, esoterische genezingen – ze wekken slechts irritatie en hoongelach op. Maar laat elke ‘moderne’ mens eerst eens beginnen met een grondig onderzoek naar het ‘ik’. Dat is de weg naar spiritualiteit.